Ja, katten kunnen de hik hebben. Hoewel het verschijnsel bij katten minder vaak wordt opgemerkt dan bij mensen, kunnen ook zij korte, onwillekeurige samentrekkingen van het middenrif krijgen. Daarbij sluit de stemspleet zich telkens even, waardoor een klein hikgeluid ontstaat. Meestal is dat onschuldig en verdwijnt het vanzelf binnen enkele minuten. Een kat kan tijdens zo’n episode rustig blijven zitten, even verbaasd kijken of kort haar lichaam aanspannen.

De hik ontstaat wanneer het middenrif, de koepelvormige spier tussen borstkas en buik, plotseling ritmisch samentrekt. De zenuwen die deze spier aansturen, kunnen tijdelijk worden geprikkeld door bijvoorbeeld snel eten, veel lucht inslikken of een volle maag. Bij jonge katten valt de hik soms vaker op, omdat zij gulzig eten, nog volop groeien en hun ademhaling minder gecontroleerd kan zijn tijdens het spelen.

Hoe ziet de hik bij een kat eruit?

Een kat met de hik maakt meestal kleine, regelmatige bewegingen met de buik of borstkas. Het hoofd kan bij elke samentrekking een beetje schokken en soms is een zacht tik- of hikgeluid hoorbaar. De kat blijft doorgaans normaal ademen en vertoont geen duidelijke angst. Tussen de hikjes door gedraagt zij zich zoals gewoonlijk: ze kan lopen, reageren op haar omgeving en belangstelling voor voedsel of spel tonen.

Het is belangrijk om de hik niet te verwarren met hoesten, kokhalzen of benauwdheid. Bij hoesten strekt een kat vaak haar nek, trekt zij de schouders samen en probeert zij iets uit de luchtwegen te verwijderen. Kokhalzen gaat dikwijls gepaard met slikken, speekselen of het uitstoten van haarballen. Bij benauwdheid ademt een kat sneller of zwaarder, gebruikt zij haar buikspieren opvallend sterk en kan zij met open bek ademen. Dat zijn geen normale kenmerken van gewone hik.

Wie gericht wil nagaan kunnen katten de hik hebben, doet er daarom goed aan vooral te letten op het ritme van de bewegingen, de ademhaling en het gedrag van de kat als geheel. Een korte video kan later ook nuttig zijn voor een dierenarts, zeker wanneer niet duidelijk is of het om hikken, hoesten of kokhalzen gaat.

Veelvoorkomende oorzaken van kattenhik

De meest voorkomende aanleiding is te snel eten. Een kat die haar voer haastig naar binnen werkt, slikt daarbij vaak lucht in. Die lucht kan de maag uitzetten en het middenrif prikkelen. Ook grote porties, plotselinge eetlust na een lange periode zonder voedsel en het snel drinken van veel water kunnen een korte hikepisode veroorzaken.

Bij kittens kan de hik voorkomen na het drinken van melk of na een uitbundige speelsessie. Tijdens rennen en springen verandert het ademhalingsritme voortdurend, waardoor het middenrif tijdelijk geïrriteerd kan raken. Ook opwinding, stress of een abrupte overgang van rust naar activiteit speelt soms een rol. In de meeste gevallen is er geen sprake van een ziekte en is behandeling niet nodig.

Andere mogelijke prikkels zijn een haarbal, irritatie in de keel, een lichte maagklacht of het inslikken van voedsel dat moeilijk te verteren is. Als de hik steeds terugkeert, lang aanhoudt of samenvalt met andere klachten, kan er echter meer aan de hand zijn. Problemen in het maag-darmkanaal, een aandoening van de luchtwegen of zeldzamere afwijkingen die de zenuwen of het middenrif beïnvloeden, moeten dan worden uitgesloten.

Wat kun je doen wanneer een kat de hik heeft?

Een korte episode vraagt meestal om niets meer dan rust en observatie. Probeer de kat niet te laten schrikken en geef geen middelen die voor mensen bedoeld zijn. Water in de bek gieten, de tong uitsteken of de ademhaling proberen te beïnvloeden kan gevaarlijk zijn. De kat moet zelf rustig kunnen slikken en ademen. Vaak stopt de hik vanzelf zodra de maag minder gespannen is of het ademhalingsritme normaliseert.

  1. Blijf kalm en kijk hoe lang de bewegingen aanhouden.
  2. Controleer of de kat normaal ademt en geen blauwe of bleke slijmvliezen heeft.
  3. Haal tijdelijk voer en druk spel weg, zodat de kat rustig kan worden.
  4. Noteer wanneer de hik begint, hoe vaak zij voorkomt en wat de kat kort daarvoor deed.
  5. Neem bij twijfel een video op en bespreek die met de dierenarts.

Als de hik vooral na maaltijden optreedt, kan het helpen de dagelijkse hoeveelheid voer over meerdere kleinere porties te verdelen. Een brede, ondiepe voerbak voorkomt soms dat een kat haar snorharen tegen de rand drukt en kan rustiger eten stimuleren. Voor echte schrokkers zijn voerpuzzels of speciale langzaam-etenbakken bruikbaar, zolang de kat er veilig en zonder frustratie uit kan eten. Veranderingen in voeding moeten geleidelijk gebeuren.

Wanneer is een dierenarts nodig?

Een enkele korte hikbui is doorgaans geen reden tot bezorgdheid. Neem wel contact op met een dierenarts wanneer de hik uren blijft aanhouden, dagelijks terugkeert of steeds duidelijker wordt. Ook een kat die naast de hik minder eet, braakt, gewicht verliest, veel slikt, overmatig kwijlt of zich terugtrekt, moet worden onderzocht. Bij kittens, oudere katten en dieren met bestaande long-, hart- of maagproblemen is een lagere drempel verstandig.

Directe hulp is nodig bij ernstige ademhalingsproblemen. Let op een open bek tijdens het ademen, een blauwgrijze tong, instorten, paniek, zeer snelle ademhaling of een kat die haar nek voortdurend uitstrekt om lucht te krijgen. Zulke symptomen passen niet bij onschuldige hik. Wacht dan niet af en probeer de kat zo rustig mogelijk naar een dierenarts te brengen.

De dierenarts kan op basis van het filmpje en lichamelijk onderzoek meestal snel bepalen wat er gebeurt. Zo nodig worden de longen en het hart beluisterd en kan aanvullend onderzoek volgen. De belangrijkste conclusie blijft dat katten inderdaad kunnen hikken, vooral na snel eten of bij jonge dieren, maar dat aanhoudende of afwijkende bewegingen altijd zorgvuldig van hoesten en benauwdheid moeten worden onderscheiden.